Smartbees

SMARTBEES

Het Europese continent is de thuishaven van minstens 10 verschillende ondersoorten van de Westerse honingbij (Apis mellifera), elk onderverdeeld in een spectrum van lokale populaties. Die hoge genetische diversiteit is het gevolg van langdurige, continue selectie onder invloed van diverse klimaat- en andere omgevingsfactoren. Voordat de mens voor honingbijen zorgde was de voortplanting enkel voorbehouden voor de kolonies welke succesvol konden omgaan met ziektes, plagen en omgevingsfactoren. Dat is de reden waarom de natuurlijke diversiteit van honingbijen de genetische bronnen herbergt voor selectie op ziekteresistentie en adaptatie aan toekomstige veranderingen van klimaat en landgebruik.

Ondanks dat er duidelijk wetenschappelijk bewijs is dat de prestaties en overleving van honingbijen sterk afhangen van de mate waarin zij geadapteerd zijn aan de lokale leefomstandigheden (significante genotype – omgeving interacties), is er slechts een minimaal aantal teeltlijnen, hoofdzakelijk van slechts twee ondersoorten: Apis mellifera carnica (de Carnica-bij) en Apis mellifera ligustica (de Italiaanse bij), commercieel verspreid overheen Europa en andere delen van de wereld. De import van deze twee ondersoorten heeft geleid – en leidt nu nog – tot hybridisatie van lokale populaties en leidde – en leidt nu nog – tot het onomkeerbare verlies van unieke genotypes; onder meer de Zwarte bij (Apis mellifera mellifera) is een van de slachtoffers van die importen.

In een poging om

  • de natuurlijke diversiteit aan honingbijen te bewaren;
  • de prestaties en vitaliteit van honingbijen te verbeteren en
  • de bijensterfte en de afhankelijkheid van medicamenteuze producten te verkleinen

zal het SmartBees project lokale teeltactiviteiten ondersteunen voor alle Europese ondersoorten van de Westerse honingbij, een speciale focus smartbeesgaat daarbij uit naar tot nog toe verwaarloosde populaties / ondersoorten. Daartoe zullen alle moderne technieken aangaande het testen van prestaties, het identificeren van resistentie, data-evaluatie en programmabeheer gehanteerd worden.

Het succes van deze strategie ligt volledig bij toewijding op lokaal niveau. Imkers en wetenschappers moeten samenwerken om een voldoende grote populatie te verkrijgen, om testkoninginnen uit te wisselen, om data-evaluatie door te voeren, gecontroleerde paring mogelijk te maken en zoveel meer. Samen voor meer bijen-diversiteit!

SmartBees is een collaboratief onderzoeksproject van 16 universiteiten, onderzoeksinstituten en organisaties in Europa. Het team bestaat uit genetici, moleculair biologen, parasitologen, virologen, immunologen, communicatiespecialisten, wiskundigen en bijendeskundigen. Het project wordt gecoördineerd door het Länderinstitut für Bienenkunde Hohen Neuendorf (Duitsland) welk onder leiding staat van Prof. Dr. Kaspar Bienefeld. Meer informatie is te vinden op SMARTBEES.

Naar aanleiding van onze deelkirchhainname aan SmartBees was begin juli een groep imkers van LZB te gast op het Bijeninstituut van Kirchhain. Daar kregen zij van dr. Aleksandar Uzunov zowel een theoretische inleiding op SmartBees als een training op de praktische invulling ervan. Zo werden aan de hand van 2 bijenvolken op het instituut prestatietesten uitgevoerd zoals de pintest waarbij gesloten broed wordt gedood om het hygiënisch gedrag van het volk te bepalen. Het bezoek leverde een schat aan kennis op, kennis die nu in Limburg door LZB in de praktijk zal worden omgezet.